Kapper A.F. Frek begon in 1927 in het pand Hogestraat 44 zijn herenkapsalon, aanvankelijk gecombineerd met een sigarenmagazijn. Hij was vooral een echte barbier. De zaak is verdwenen.
Veel mannen uit de omgeving wandelden regelmatig naar kapper Frek om zich ‘nat’ te laten scheren. De hoofdsteun van de kappersstoel werd dan versteld, de rugleuning gekanteld. De klant werd ingezeept met kwast en scheerschuim. Daarna mocht de klant het hoofd niet meer bewegen en werd het vlijmscherpe scheermes gehanteerd. Aan de stoel hing een lederen riem waarmee de kapper zijn scheermes scherp hield. Bij kleine verwondingen nam de barbier een stuk aluin en stipte het wondje aan. Na droogdeppen van de natte huid was de scheerbeurt klaar. De lederen zitting van de stoel werd gedraaid en de volgende klant kon gaan zitten.
In de kapsalon kon men allerlei lekkere luchtjes ruiken, zoals van verschillende soorten haarwater en aftershave.
In de zaak stond een rijtje stoelen met daarop de wachtende klanten, die (al of niet rokend) de alledaagse gang van zaken in het dorp bespraken.
Door de komst van de elektrische scheerapparaten voor mannen nam de winkeldrukte aanzienlijk af, weinigen lieten zich nog scheren, de baard trimmen of knippen.
Kapper Frek sloot eind 20e eeuw zijn zaak en het pand werd een woonhuis.
Ga naar Dieren →
(
Onbekend
© Beperkt openbaar, naamsvermelding
)