
Sinds 1872
In vroegere tijden waren er geen dijken en zette de IJssel regelmatig grote stukken land onder water. Deze gronden werden waarden of broeken genoemd. Van oorsprong werden ze niet verkaveld, maar gemeenschappelijk gebruikt door boeren uit de omgeving.
In de gemeente Rheden lagen de boerderijen zelf op hoger gelegen terrein; het waterbeheer was er daarom vooral op gericht om profijt te trekken van deze lagere gronden.
Inpoldering
Daarom werd er in het midden van de 14e eeuw een dijk aangelegd langs het Velperbroek. Gezien het belang van het vruchtbare slib liet men in de wintermaanden het IJsselwater juist wél toe. Hiervoor werden in de dijk sluizen aangebracht. Vanouds werden deze sluizen in november geopend en in februari weer gesloten. Het overtollige water werd aanvankelijk door een watermolen, maar later door het stoomgemaal 'De Volharding' geloosd.
De organisatie van de waterbeheersing berustte bij de grondeigenaren van de inmiddels verkavelde polder. Ook de veel kleinere polder Rhederlaag, nu door zandwinning in een waterplas veranderd, kende een soortgelijke organisatie.
Waterschappen
Buiten het IJsseldal was waterbeheersing eveneens nodig. Zo werd in 1880 de Soerense Broekpolder opgericht. De verschillende polders, evenals de overige grondgebieden, worden sinds 1997 door twee waterschappen beheerd.
Bron: Canon van Rheden