
Bedrijvigheid omvat veel, ook in termen van erfgoed. Van boerderij tot schaapskooi, van bakkerij tot fabriek of gemaal. De dorpen bestonden oorspronkelijk uit kleine kernen met daaromheen verspreide bebouwing. De economie werd lang bepaald door (pacht)boerderijen, schapen houden en bedrijvigheid van middenstanders, enkele vissers en schippers.
Vroege industrie
In de 15 eeuw ontstond vroege industrie door watermolens op de beken. Ze dienden verschillende productieprocessen: graan malen, koper slaan of looizuur maken. In de 17e eeuw werden ze vooral ingeschakeld voor de papiermakerij. Die werd in de tweede helft van de 19e eeuw ‘ingehaald’ door industriële papierfabricage. Sommige molens werden verbouwd tot wasserij. In deze tijd kwamen nutsvoorzieningen op, zoals de waterwinning en de gasfabriek. Aanleg van zulke voorzieningen en van wegen bood werk. De vele steenfabrieken en de tabaksindustrie werkten tot in de eerste helft van de 20e eeuw.
Van alle industriële gebouwen rest maar weinig.

Nieuwe inkomsten
Toen de regio in de 19e eeuw beter bereikbaar werd langs spoor en weg, groeide het toerisme; eerst van welgestelden, later uit brede lagen van de bevolking. Veel bestaande panden hebben een pension- of horecabestemming gehad. Of ze werden gebruikt door de toen florerende middenstand.
Door de bevolkingsgroei en het wegvallen van oude industrie was er gebrek aan arbeidsplaatsen. Dit werd in het begin van de 20ste eeuw opgevangen door nieuwe bedrijven als Gazelle, houtzagerijen in Dieren en EDY in Spankeren. In het dorp Rheden zorgde de vestiging van de Meteoor en Thomassen voor werk. Tijdens de crisisjaren en vooral in WO II hadden de bedrijven het moeilijk.
Op de hoek van de Spankerenseweg en de Kanaalweg stond al sinds 1918 Houthandel Hupkes met een zagerij en een groot opslagterrein. In het kanaal naast het opslagterrein lagen soms boomstammen te wate…
Wie nu langs de nieuw gebouwde huizen aan de Noorderstraat loopt, die uitkijken op de IJssel, kan zich moeilijk voorstellen dat hier van 1854 tot 1973 lichte tot zware industrie gestaan heeft. Voorhe…
Het pand aan de Hogestraat was al in het begin van de 20e eeuw een dubbel winkelpand. Aanvankelijk was er links een juwelier-horloger en rechts een damesmodemagazijn (van de gezusters Hebrans). Beide…
De zaak van juwelier Cornelissen had een voorname uitstraling en in de etalage lagen dure, waardevolle artikelen zoals horloges, klokken en sieraden. In de winkel hoorde je de typische geluiden van t…
Herenkapsalon Beijer bestaat al ruim 75 jaar in de Spoorstraat 29 in Dieren-Zuid. Gerrit Beijer begon als zelfstandig kapper aan de overkant in een achterkamertje bij boekhandel Rutgers. Zijn zoon Jo…
Kapper A.F. Frek begon in 1927 in het pand Hogestraat 44 zijn herenkapsalon, aanvankelijk gecombineerd met een sigarenmagazijn. Hij was vooral een echte barbier. De zaak is verdwenen.
Veel mannen uit…